Terug
Gepubliceerd op 07/01/2026

Besluit  Gemeenteraad

di 30/12/2025 - 20:00

Belastingreglement op aanvraag, vergunningen en diverse administratieve stukken/handelingen onder het beleidsdomein “Omgeving”

Aanwezig: Ilse Beelen, voorzitter
Guy Dumst, burgemeester
Etienne Wouters, Annita Reniers, Raf Lambeets, Dries Matterne, Carine Winnen, Anne Cooremans, Annelies Galand, Jelle Daniels, Leen Arnauts, Ine Wanten, Michiel Delmel, Heide Hermann, Lowie Pierards, raadsleden
Guy Vansimpsen, plv. algemeen directeur
Sandra Blockx, algemeen directeur
Verontschuldigd: Boudewijn Herbots, Carl Kempeneers, Elien Smeesters, Annemie Humblet, raadsleden

Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22/12/2017 en latere wijzigingen;

Gelet op het decreet van 30/05/2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;

Gelet op de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) en wijzigingen;

Gelet op het decreet houdende de algemene bepalingen inzake milieubeleid van 05/04/1995 (DABM); Gelet op het Vlarem II en III;

Gelet op het decreet van 25/04/2014 betreffende de omgevingsvergunning en de daar uit volgende uitvoeringsbesluiten;

Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van 19/12/2019 betreffende het belastingreglement op aanvragen, vergunningen en diverse administratieve stukken/handelingen onder het beleidsdomein 'Omgeving' o.m. in het kader van milieuwetgeving of wetgeving in het kader van ruimtelijke ordening voor een periode van 01/01/2020 tot en met 31/12/2024;

Gelet op de beslissing van de gemeenteraad van 22/10/2020 betreffende het belastingreglement op aanvragen, vergunningen en diverse administratieve stukken/handelingen onder het beleidsdomein 'Omgeving' o.m. in het kader van milieuwetgeving of wetgeving in het kader van ruimtelijke ordening voor een periode van 01/01/2020 tot en met 31/12/2024;

Overwegende dat een aantal aanpassingen worden voorgesteld ingevolge gewijzigde omstandigheden, wetgeving en/of ter verduidelijking van het reglement;

Overwegende de vergelijking met buurgemeenten en de steeds stijgende kosten is het aangewezen om het reglement in functie hiervan aan te passen;

Overwegende de financiële toestand van de stad;

Op voorstel van het College van Burgemeester en Schepenen;

Publieke stemming
Aanwezig: Ilse Beelen, Guy Dumst, Etienne Wouters, Annita Reniers, Raf Lambeets, Dries Matterne, Carine Winnen, Anne Cooremans, Annelies Galand, Jelle Daniels, Leen Arnauts, Ine Wanten, Michiel Delmel, Heide Hermann, Lowie Pierards, Guy Vansimpsen, Sandra Blockx
Voorstanders: Guy Dumst, Ilse Beelen, Etienne Wouters, Annita Reniers, Raf Lambeets, Dries Matterne, Carine Winnen, Anne Cooremans, Annelies Galand, Jelle Daniels, Leen Arnauts, Ine Wanten, Michiel Delmel, Heide Hermann
Onthouders: Lowie Pierards
Resultaat: Met 14 stemmen voor, 1 onthouding

BESLUIT:

 

Artikel 1 :

Met ingang van 01/01/2026 tot en met 31/12/2031 wordt een gemeentebelasting geheven op aanvragen, vergunningen en diverse administratieve stukken/handelingen m.b.t. het beleidsdomein "Omgeving" o.m. in het kader van milieuwetgeving of wetgeving in het kader van ruimtelijke ordening :

AFDELING 1: AANVRAAG TOT OMGEVINGSVERGUNNING EN MELDINGEN.

Art. 1:

De belasting is verschuldigd door diegene die de aanvraag tot omgevingsvergunning of melding heeft ingediend en bij gebreke daarvan aan de vergunninghouder of exploitant (dus ook bij een weigering of intrekking).

Art. 2 :

De belasting wordt als volgt vastgesteld:

Het basistarief voor een aanvraag van een omgevingsvergunning of een melding bedraagt 75 euro per aanvraag.

 

Volgende toeslagen zijn cumulatief van toepassing bovenop het basistarief:

-            75 euro per 'bijkomende' eenheid (dat kan zowel een woning, appartement, zorgwoning, bedrijfs-, kantoor- of handelsruimte zijn of een mix) bij een stedenbouwkundige handeling en/of bij een ingedeelde inrichting of activiteit.

-            100 euro per 'bijkomend’ lot of eenheid (dat kan zowel een woning, appartement, zorgwoning, bedrijfs-, kantoor- of handelsruimte zijn of een mix) bij een aanvraag tot verkaveling en/of verkavelingswijziging.

-            50 euro als advies van de OVC (omgevingsvergunningscommissie) noodzakelijk is,

-            50 euro als er een wijziging gebeurt aan de aanvraag naar aanleiding van de ingewonnen adviezen of opmerkingen bij een openbaar onderzoek of op vraag van de aanvrager (wijzigingslus),

-            50 euro bij een gemengd dossier dat zowel Stedenbouwkundige handelingen (SH) bevat als Ingedeelde Inrichtingen Of Activiteiten (IIOA),

-            50 euro bij boscompensatieregeling,

-            150 euro bij een regularisatieaanvraag,

-            150 euro per projectvergadering,

-            150 euro per informatievergadering,

-            50 euro bij een aanvraag IIOA klasse 2,

-            130 euro bij het indienen van een voorafgaande verklaring voor beperkte uitbreidings- of verhuisprojecten voor een bestaande reeds socio-economisch vergunde handelsvestiging.

-            325 euro indien de aanvraag kleinhandelsactiviteiten bevat met een netto handelsoppervlakte van meer dan 400m2 (nieuwbouw, binnen een bestaand gebouw of bij uitbreiding),

-            200 euro bij een VR of MER-rapport (veiligheids- of milieueffectenrapport),

-            250 als het dossier ook wegenis ('zaak der wegen) of gratis grondafstand omvat aan de stad,

-            50 euro voor een vraag tot omzetting van een milieuvergunning verleend voor 20 jaar naar een permanente omgevingsvergunning van onbepaalde duur,

-            50 euro voor het bekendmaken van het verstrijken van elke geldigheidsperiode van 20 jaar van een omgevingsvergunning van onbepaalde duur,

-            50 euro voor het verzoek tot bijstelling of vraag tot afwijking van de milieuvoorwaarden,

-            50 euro voor de melding van de overdracht van de vergunning voor een ingedeelde inrichting of activiteit,

-            50 euro voor een omgevingsvergunning die betrekking heeft op het wijzigen van vegetaties en kleine landschapselementen,

-            5 euro per affiche m.b.t. bekendmaken van beslissing,

-            de verzendingskost: prior A4/A3: 3,50 euro,

-            de verzendingskost: aangetekende zending A4/A3: 12,50 euro,

Art. 3:

Belastingtarieven van toepassing op enkele specifieke aanvragen:

-            30 euro voor het verzaken, de éénzijdige afstand of de opheffing van de verkavelingsvergunning op verzoek van de aanvrager,

-            75 aanvraag tot opname in het vergunningsregister,

-            75 euro voor de schorsing of opheffing van de omgevingsvergunning voor wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.

-            20 euro per stuk per aanvraag van diverse administratieve stukken (digitaal, kopieën van vergunning, plannen, uittreksels van beslissingen…) in het kader van de dienst omgeving.

 

AFDELING 2: STEDENBOUWKUNDIG ATTEST.

Art. 4:

De belasting is verschuldigd door diegene die de aanvraag tot het attest heeft ingediend (dus ook bij een weigering of intrekking).

Art. 5:

Het bedrag van de verschuldigde belasting wordt bepaald op 75 euro per attest.

 

AFDELING 3: PLANOLOGISCH ATTEST.

Art. 6:

De belasting is verschuldigd door de persoon/instantie die het attest aanvraagt (dus ook bij een weigering of intrekking).

Art. 7:

Het bedrag van de verschuldigde belasting wordt bepaald op 1.300 euro per attest.

 

AFDELING 4: BEBOSSING.

Art. 8:

De belasting is verschuldigd door de persoon/instantie aan wie de vergunning wordt verleend (dus ook bij een weigering of intrekking).

Art. 9:

Het bedrag van de verschuldigde belasting wordt bepaald op 50 euro per perceel waarop de vergunning van toepassing is.

 

AFDELING 5: TIJDELIJKE VERKEERSREGLEMENTEN, SIGNALISATIEVERGUNNINGEN en TOELATINGEN VAN DE BURGEMEESTER.

Art. 10:

De belasting is verschuldigd door de organisator van de activiteit/evenement waarvoor een tijdelijk verkeersreglement (TVR), een signalisatievergunning of een toelating van de burgemeester vereist is (SV).

Deze belasting staat los van het gemeentelijk retributiereglement en/of het gemeentelijke belastingsreglement 'inname openbaar domein'.

Art. 11:

Het bedrag van de belasting wordt als volgt vastgelegd:

Organisator

Activiteit

Bedrag TVR

Bedrag SV

OCMW, politie, brandweer en andere organisatoren i.s.m. gemeentelijke diensten

Carnaval, kermissen, markten, beurzen, ...

Vrijgesteld

Vrijgesteld

Particulier of aannemer in opdracht van particulier voor kleine werken (zonder winstoogmerk)

Verhuis, verbouwing, feest, plaatsing container of stelling, tuinaanleg, leveringen, …

6,50 euro

13 euro

Bedrijf, zelfstandige, horeca van Zoutleeuw (of in groep)

Fuif, evenement, beurs, tentoonstelling, markt, …

13 euro

26 euro

Bedrijf, zelfstandige, horeca buiten Zoutleeuw (of in groep)

Fuif, evenement, beurs, tentoonstelling, …

26 euro

26 euro

Aannemer bouw- of infrastructuurwerken

Wegenwerken, rioleringswerken, bouwprojecten met meer als 1 woning of 2 appartementen of als ontwikkelaar, en per werfplaats of straat

65 euro

130 euro

Erkende verenigingen, VZW, scholen, dorpsfeesten/wijkcomités, … van Zoutleeuw

Met lokaal karakter

6,50 euro

13 euro

Erkende verenigingen, VZW, scholen, dorpsfeesten/wijkcomités, … buiten Zoutleeuw

Met lokaal karakter

13 euro

26 euro

Verenigingen, …

Wielerwedstrijden, doortochten

13 euro

26 euro

Grote manifestaties (bovenlokaal karakter) ongeacht soort organisator

Motocross, autocross/rally, kampioenschappen, jumpingwedstrijden, …

65 euro

130 euro

Dit bedrag wordt vermeerderd met 26 euro indien er ook politietoezicht vereist is.

Art. 11:

Voor een toelating van de burgemeester voor het organiseren van een evenement is een belasting van 6,50 euro per toelating verschuldigd.

Art. 12:

Er kan tevens een vergunning bekomen worden voor het permanent plaatsen van verkeersborden type F34a, F35, F37 of andere privé-wegwijzers. Voor deze vergunning is een belasting voorzien van 13 euro/bord. Dit staat los van de retributie aangaande technische dienstverlening (daar gaat het over de plaatsing en eventuele aankoop van deze borden door de gemeentelijke diensten).

Art.13:

De belasting is slechts 1x verschuldigd per activiteit (vb: indien de opdrachtgever van een werk de verschuldigde belasting betaalt is de uitvoerende aannemer hiervan vrijgesteld of omgekeerd).

 

Art. 2:

De invordering van deze belasting zal geschieden als een contantbelasting, door middel van een betalingsuitnodiging. Bij gebrek aan betaling binnen de voorgeschreven termijn, wordt de belasting ingevorderd bij wijze van een kohier, overeenkomstig de voorschriften van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.

 

Art. 3:

Bij de organisatie van openbare onderzoeken is er een bijkomende belasting verschuldigd op de hierboven vastgestelde belastingen. Deze belasting is bijkomend van toepassing op alle aanvragen of afgiften van stukken waarvoor conform de geldende reglementering een openbaar onderzoek vereist is of wanneer dit noodzakelijk geacht wordt door de dienst omgeving. De belasting wordt als volgt vastgesteld per geadresseerde:

-            de verzendingskost: prior A4/A3: 3,50 euro

-            de verzendingskost: aangetekende zending A4/A3: 12,50 euro;

-            organisatie van een openbaar onderzoek: 50 euro;

-            publicatie in dag- of weekbladen: werkelijke kostprijs;

-            affiche m.b.t. bekendmaking van het openbaar onderzoek (A2-formaat): 5 euro/stuk.

 

Art. 4:

Indien het door de wetgever nog toegelaten is dat een aanvraag analoog kan worden ingediend en de dienst omgeving deze aanvragen verplicht dient te digitaliseren en in te brengen in het digitaal loket voor behandeling is een bijkomende belasting verschuldigd door de aanvrager van een vergunning/melding/attest.

De belasting wordt als volgt vastgesteld:

-            250 euro voor het digitaliseren en inbrengen van de aanvraag in het digitaal loket,

-            20 euro per analoge afdruk van een aanvraagformulier en bijhorende addenda.

 

Art. 5:

Aanvragen, meldingen en stukken rechtstreeks aangevraagd door gerechtelijke overheden, de openbare besturen en de daarmee gelijkgestelde instellingen alsook de instellingen van openbaar nut zijn vrijgesteld van deze belasting.

 

Art.6:

Deze belasting treedt in werking op 01/01/2026.

 

Art. 7 :

Deze beslissing bekend te maken conform de wettelijke bepalingen.